De geschiedenis van Leiden is op Amsterdam na de rijkst gevulde geschiedenis van Holland. Toch is die geschiedenis lang niet altijd bekend. In de column Plaatsen van Herinnering neemt Leidenaar en historicus Joost Bleijie u wekelijks mee naar een plek in Leiden waar een bijzondere gebeurtenis heeft plaatsgevonden of naar een plek waar een beroemde historische Leidenaar gewoond of gewerkt heeft. Deze week zitten we in de eerste helft van de 17e eeuw en staat een bijzonder ambacht centraal namelijk de stadstimmerman. Plaats van Herinnering is de Stadstimmerwerf aan het Galgewater.
–door Joost Bleijie
Heel veel Hollandser dan de Stadstimmerwerf aan het Galgewater in Leiden krijg je het niet. Niet voor niets is dit iconische gebouw een van KLM’s delfsblauwe huisjes geworden. Het gebouw heeft een trapgevel die over de hele wereld als typisch Hollandse bouwstijl bekend staat. De Stadstimmerwerf is gebouwd in 1612 en het fungeerde eeuwenlang als centrale werkplaats van de stedelijke timmerlieden. Hier werden bouwmaterialen opgeslagen, en hier werkten én woonden de ambachtslieden die verantwoordelijk waren voor het houtwerk in de stad. Op de toegangspoort staat nog waar het gebouw voor bedoeld was: “Stadstimmerwerf”.
In de 17e eeuw was het beroep van stadstimmerman veel meer dan alleen timmeren en zagen. Het was veel meer dan alleen een dak repareren of een schuurtje bouwen. De stadstimmerman was organisator, leider en bouwer: hij gaf leiding aan andere timmerlieden, zorgde voor de inkoop en opslag van hout en hield toezicht op belangrijke constructies zoals bruggen, daken en openbare gebouwen. Kennis en ervaring waren voor de stadstimmerman cruciaal. Even aan ChatGPT vragen hoe een dak gerepareerd moest worden kon uiteraard in die tijd nog niet. De stadstimmerman moest kennis hebben van bouwen, repareren maar ook van houtsoorten en gereedschappen. Bovendien moest je kunnen samenwerken met metselaars of steenhouwers. Het was dus een komen en gaan van vakmannen aan de Leidse stadstimmerwerf.
De stadstimmerwerf lag, niet geheel toevallig aan het water. Materiaal kon gemakkelijk worden aangevoerd en verplaatst, wat het logistieke voordeel van de werf vergrootte. In de gevel aan de straatkant zit nog een nis waardoor je naar de stad kon kijken. Grote stukken hout werden via de Rijn aangevoerd. Niet alleen via een boot maar ook gewoon drijvend. Hoger gelegen werden de boomstammen gewoon in het water gegooid waarna ze westwaarts dreven. Via de nis in de muur kon de stadstimmerman zien of zijn bestelling in aantocht was. Een van de meest aansprekende Leidse stadstimmermannen die in de 17e eeuw een belangrijk rol bespeeld heeft is de Haarlemse stadsbouwmeerster Lieven de Key (ca. 1560–1627). De in het Vlaamse Gent geboren bouwmeester heeft een prominente rol gespeel in de wereldberoemde Hollandse architectuur. De iconische trapgevel van de Stadstimmerwerf kwam uit de koker van Lieven de Key maar ook de gevel van het Stadhuis aan de Breestraat al is die gebouwd door Claes Cornelisz. van Es. Die heeft zich laten inspireren door Lieven de Key. Dit deel van het stadshuis is het enig deel van het dat na de brand in 1929 bewaard is gebleven. Lieven de Key heeft een belangrijke bouwkundige stempel op Leiden gedrukt ondanks het feit dat hij geen stadsbouwmeester of stadstimmerman in Leiden was. Het is een stempel die tot de dag van vandaag nog te zien is.



