Rapenburg 25 – De eerste Openbare Bibliotheek van Nederland

Rapenburg 25 – De eerste Openbare Bibliotheek van Nederland

De geschiedenis van Leiden is op Amsterdam na de rijkst gevulde geschiedenis van Holland. Toch is die geschiedenis lang niet altijd bekend. In de column Plaatsen van Herinnering neemt Leidenaar en historicus Joost Bleijie u wekelijks mee naar een plek in Leiden waar een bijzondere gebeurtenis heeft plaatsgevonden of naar een plek waar een beroemde historische Leidenaar gewoond of gewerkt heeft. Deze week staat een bijzondere verzameling centraal namelijk de bibliotheek van Johannes Thijs op de hoek van het Rapenburg en de Groenhazengracht.  

Hij had één grote passie en dat was het kopen en verzamelen van boeken. Hij reisde heel Europa door om boeken te kopen om die vervolgens mee te nemen naar Leiden. Johannes Thijs had de passie overgenomen van zijn oom, Jacobus Thysius die hoogleraar was in Leiden. Na het overleiden van zijn oom in 1635 erfde hij diens boekencollectie en daar is de levenslange zoektocht naar boeken begonnen. Hij kocht boeken met uiteenlopende onderwerpen. Een specialisatie of voorliefde voor een bepaald onderwerp had hij niet. Ook kocht hij boeken in veel verschillende talen. Het leek Johannes Thijs louter om de boeken te gaan en niet om de inhoud. Een boekenverzamelaar in de 17e eeuw dus.  

Johannes Thijs werd in 1622 geboren in Amsterdam. Zowel zijn vader als zijn moeder waren van goede, rijke komaf. Zijn vader had zijn geld verdiend met de aandelen die hij in de VOC had. In 1635 schreef Thijs zich in als student aan de Universiteit Leiden. Hij ging er letteren studeren en later rechten. Een lang leven had Thysius niet. Hij stierf in 1653 op 31 jarige leeftijd. Wat Thysius zo bijzonder maakt, is zijn passie voor het verzamelen van boeken. Hij verzamelde in zijn leven ruim 2500 boeken en duizenden pamfletten, een uitzonderlijk aantal voor die tijd. Thysius had een testament laten opstellen met daarin opgenomen wat er na zijn dood moest gebeuren met de uitzonderlijke collectie. In het testament stond dat zijn boeken moesten worden bewaard in een bibliotheek ‘tot publycke dienst der studie.’ In 1655 werd daarvoor door stadsarchitect Arend van ’s-Gravesande een pand gebouwd aan het Rapenburg waar de boeken zouden worden bewaard en het publiek gebruik kon maken van zijn boeken. Bibliotheca Thysiana werd hiermee de eerste openbare bibliotheek van Nederland.   

 Het gebeurt niet heel veel dat boeken uit de bibliotheek daadwerkelijk nog geraadpleegd worden. Dat kan ook niet meer in de Bibliotheca zelf. Boeken uit de bibliotheek Thysiana zijn overgebracht naar de Universiteitsbibliotheek aan de Witte Singel en kunnen daar worden ingezien. In het testament van Thysius stond echter nog meer. De bibliotheek moest beurzen verstrekken aan studenten die te weinig geld hadden om te gaan studeren. De stichting die de nalatenschap van Thysius beheert en die het uitvoeren van het testament bewaakt bestaat nog steeds. Pas sinds de 18e eeuw is de stichting formeel verbonden aan de Universiteit. Heel vaak is de Bibliotheca Thysiana niet open voor publiek. Dat gebeurt eigenlijk alleen op afspraak of tijdens de jaarlijkse Open Monumentendagen. Het is een bezoek meer dan waard.   

Deel dit bericht:
Facebook
Twitter
LinkedIn
Pinterest
Telegram